HomeHomepagezondag 2 mei

zondag 2 mei

VORIG JAAR VOOR HET EERST SINDS 2014 OP 2 MEI GEEN IJSHEILIGEN IN BEELD, DIT JAAR OPNIEUW WEER RAAK!

ZONDAG 2 MEI 2021
KNMI-STATIONS
– laagste temperatuur: -0,9°C Gilze-Rijen tot 6,5°C o.a. Stavoren
– a/d grond: -4,1°C Woensdrecht en o.a. -2,8°C Cabauw
– hoogste temperatuur: 12,8°C Arcen tot 9,4°C Nieuw Beerta
– neerslag: nacht 0,9 mm Lauwersoog, overdag 2,2 mm Nieuw Beerta
– zon: 12,7 uur Den Helder tot 1,9 uur Nieuw Beerta
– hoogste windstoot 55 km/uur Lauwersoog

WEERSTATION-BORCULO
laagste temperatuur: 2,7°C   a/d grond: 1,3°C   hoogste temperatuur: 12,1°C
neerslag: < 0,1 mm     zon: 4,5 uur     hoogste windstoot: 29 km/uur

EEN JAAR GELEDEN 2 MEI 2020
KNMI-STATIONS
– laagste temperatuur: 5,4°C Hoogeveen tot 9,7°C Wijk aan Zee
– hoogste temperatuur: 15,3°C Arcen tot 12,4°C Vlieland
– neerslag: nacht 5 mm Vlissingen, overdag 10,4 mm Woensdrecht
– zon: 10,7 uur Vlissingen tot 2,5 uur Twente
– hoogste windstoot 82 km/uur Vlissingen

WEERSTATION-BORCULO
laagste temperatuur: 6,8°C     hoogste temperatuur: 14,4°C
neerslag: 2,2 mm     zon: 2,3 uur     hoogste windstoot: 35,4 km/uur

DATUMRECORDS 2 MEI BORCULO
maximum-temperatuur: 26°C in 1986, 1990 tot 6,5°C in 1991
minimum-temperatuur: 1,5°C in 2016 tot 16°C in 2005
natste dag: 14,9 mm in 1996
zonnigste dag: 14,7 uur in 2007

DATUMRECORDS 2 MEI KNMI-STATIONS
maximum-temperatuur: 27,5°C Soesterberg in 1966 tot 5,9°C Twente in 1979
minimum-temperatuur: -4°C Den Helder in 1935 tot 14,9°C Maastricht in 2005
natste dag: 29,1 mm Schiphol in 1979

BIJZONDERHEDEN (ZONDAG) 2 MEI

In de nacht naar zondag voor de tweede nacht op rij in deze lentemaand mei lichte vorst in het westen van Brabant en de Betuwe. Tot grondvorst kwam het in Brabant, Limburg, Utrecht en de oostelijke helft van Zuid-Holland. Het bleef niet overal droog, de KNMI-station Lauwersoog, Voorschoten en Westdorpe hadden nog wat neerslag.
In de nacht naar zondag waren de laagste temperaturen op waarnemingshoogte -0,9°C op het KNMI-station Gilze-Rijen gevolgd door het KNMI-station Woensdrecht met -0,8°C en op het KNMI-station Herwijnen -0,4°C. Dit waren de enige KNMI-stations met lichte vorst op waarnemingshoogte. De laagste temperaturen aan de grond op de KNMI-stations Woensdrecht en Cabauw met respectievelijk -4,1°C en -2,8°C.
De hoogste minima van 6,5°C op de KNMI-stations Hoek van Holland, Stavoren en Vlieland gevolgd door 6,3°C op het KNMI-station Wijk aan Zee. De KNMI-stations Hupsel en Twente hadden minima van respectievelijk 2,8°C en 2,7°C en aan de grond 0,6°C en 0,5°C.
De meeste neerslag in de nacht naar zondag op de KNMI-stations Lauwersoog met 0,9 millimeter en op de KNMI-stations Voorschoten en Westdorpe 0,2 millimeter. Op de KNMI-stations Hupsel en Twente geen neerslag.

Zondag overdag begon in het grootste deel van het land met brede opklaringen tot onbewolkt. In het oosten op de eerste vroege ochtenduren nog bewolking vanuit de nacht die vrij snel wegtrok. In de loop van zondagochtend de eerste onschuldige wolkenveldjes en wat later stapelwolken die ook gaandeweg de zondag gingen uitsmeren. Kortom, de zon kreeg het in de loop van zondag moeilijker, daarbij bereikten de stapelwolken op diverse plaatsen ook net het buienstadium, wel meest lichte buitjes. Grote neerslaghoeveelheden vielen daarbij niet, lokaal nog wel met lichte hagel.
De hoogste temperaturen van 12,8°C op het KNMI-station Arcen gevolgd door 12,4°C op de KNMI-stations Gilze-Rijen en Woensdrecht. De laagste maxima van 9,4°C op het KNMI-station Nieuw Beerta gevolgd door 9,5°C op het KNMI-station Lauwersoog. De KNMI-stations Hupsel en Twente hadden maxima van respectievelijk 11,4°C en 11,9°C. De meeste neerslag viel op de KNMI-stations Nieuw Beerta en Lauwersoog met respectievelijk 2,2- en 0,5 millimeter. Het KNMI-station Hupsel had overdag ook nog 0,4 millimeter en het KNMI-station Twente hield het droog. Vanaf middernacht tot zondagavond 20 uur de meeste neerslag op het KNMI-station Nieuw Beerta met 2,3 millimeter. De zon kreeg de meeste ruimte in de westelijke provincies tot rond 12 tot 13 uur, in het noordoosten weinig zon met nog geen 2 uur op het KNMI-station Nieuw Beerta.

Onderstaande foto maakte Leen de Koning op de Veluwe, de Schotse hooglanders hebben nog een “dikke jas” aan en dat komt soms rond deze tijd nog wel van pas. Ook zondag als de zon enige tijd schuil ging dan werd het voor het gevoel er niet prettiger op.

– Vorig jaar in het etmaal van 2 mei lokaal onweersbuien. Het KNMI-station Heino kreeg op 1- en 2 mei neerslag van betekenis, op 1 mei al ruim 16 millimeter en op 2 mei kwam daar nog ruim 10 millimeter bij. Daarmee viel in Heino in twee dagen bijna 27 millimeter en dat was ruimschoots meer dan de 5,7 millimeter in de hele maand april van vorig jaar.

– In 2019 in de nacht naar 2 mei de laagste temperatuur van 1,4°C op het KNMI-station Deelen en aan de grond de laagste temperatuur op het KNMI-station Eindhoven met -1,7°C en op het KNMI-station Deelen -1,1°C. In 2015 nog kouder op 2 mei met -1,8°C op het KNMI-station Eelde de laagste temperatuur van mei 2015 op waarnemingshoogte en aan de grond -6,0°C op het KNMI-station Twente. In 2016 op 2 mei nog lichte vorst op waarnemingshoogte op het KNMI-station Wijk aan Zee met -1,4°C. In 2017 op 2 mei grondvorst op o.a. de KNMI-stations Westdorpe en Gilze-Rijen met respectievelijk -1,5°C en -1,4°C. In 2018 op 2 mei grondvorst op o.a. De KNMI-stations De Bilt en Heino met respectievelijk -1,0°C en -0,3°C. In 2019 op 2 mei aan de grond -1,7°C op het KNMI-station Eindhoven en -1,1°C op het KNMI-station Deelen. In 2020 op 2 mei was de laagste temperatuur 4,1°C aan de grond op het KNMI-station Woensdrecht. Conclusie, in 2020 voor het eerst op 2 mei geen IJsheiligen in de buurt! Nu een jaar later op 2 mei zijn de IJsheiligen weer helemaal in beeld en wel in de provincies Brabant, Limburg, Utrecht en Zuid-Holland. In feite zijn de IJsheiligen al geruime tijd in Nederland, maar met vorst in april wordt doorgaans niet gesproken over IJsheiligen, dat wordt pas genoemd met mei op de kalender.

Met nachtvorst in mei kan het onderstaande gebeuren, vorstschade aan plantjes en dat zeker aan de grond. Op onderstaande foto vorstschade aan een aardappelplant.

PERIODE ZONDER WARME DAGEN

In 2016 na een koude nacht met lichte vorst op het KNMI-station Wijk aan Zee met -1,4°C werd het overdag met 19,9°C op het KNMI-station Arcen bijna een warme dag. Van een warme dag spreken we als de temperatuur de 20°C haalt. De laatste landelijke warme dag daarvoor was op 11 april op de KNMI-stations Eindhoven en Maastricht met 21,1°C. Met andere woorden, toch een periode van bijna drie weken met geen warme dagen! Dat is een typisch voorbeeld van april de grasmaand als overgangsmaand in het voorjaar! In 2020 in Borculo op 27 april nog een warme dag en daarna pas weer op 7 mei. In 2019 zagen we toch wel een enigszins vergelijkbaar beeld als in 2018. Na de warmste eerste 22 dagen-periode van april 2018 sinds 1901 voor Nederland, lagen de temperaturen in de laatste decade toch aanzienlijk lager! Vanaf 23 april 2018 werd alleen op 29 april de warme grens bereikt op het KNMI-station Twente met 20,1°C. In Borculo in 2018 vanaf 23 april t/m 4 mei geen enkele warme dag met op 1 mei wel de laatste kille dag met in Borculo 13,7°C en dat was de laagste maximum-temperatuur sinds 5 april toen het 9,6°C werd! Dan spreek je ook over een periode van ruim drie weken niet zo’n lage temperatuur! Kijken we naar 2019 dan was landelijk de laatste warme dag 25 april met de hoogste temperatuur van 21,7°C op het KNMI-station Twente, daarna pas weer op 18 mei met 23,4°C op het KNMI-station Hoogeveen. Voor Borculo de laatste warme dag ook op 25 april, daarmee toch een periode van ruim drie weken met geen enkele warme dag.
Dan nu in 2021, in Borculo op 31 maart nog een warme dag met 24,4°C en daarna pas weer op 29 maart. Dan spreken we toch over een periode van 28 dagen met geen enkele warme dag, een periode van vier weken!

IJSHEILIGEN

Evenals in 2017 en 2018 was ook in 2019 de eerste grondvorst in mei al een feit, natuurlijk niet zo bijzonder en de IJsheiligen zijn ook nog niet voorbij. In 2020 nog geen IJsheiligen tot dan in mei. In 2017 op 2 mei met -1,5°C op het KNMI-station Westdorpe en in 2018 ook op 2 mei op het KNMI-station De Bilt met -1°C. Met vorst was april 2017 ook een opmerkelijke maand, want het KNMI-station Ell had 12 vorstdagen en daarvan tien in de tweede helft van de maand. Ook de KNMI-stations Heino en Hoogeveen hadden in de tweede helft van de maand respectievelijk 11 en 10 vorstdagen. In april 2018 landelijk slechts twee nachten met lichte vorst op waarnemingshoogte over de hele maand. In april 2019 landelijk tien nachten met lichte vorst op waarnemingshoogte en april 2020 kwam tot negen nachten met vorst. Dan april 2021 die kwam tot 12 nachten met lichte vorst op waarnemingshoogte.

Vorst in mei is ook geen bijzonderheid en komt vaak voor. In 2015 verliep de tweede nacht van mei ook koud met schadelijke nachtvorst. We konden daarmee wel stellen dat we in 2015 een vroege IJsheiligen hadden, normaal staat de periode 11-14 mei voor de IJsheiligen met de schadelijke nachtvorsten. De IJsheiligen zijn zeker niet kalender-gebonden, soms komen ze vroeger en soms later. In mei 2016 was de koudste nacht de eerste mei met -1,7ºC op het KNMI-station Berkhout. De nacht naar 16 mei 2016 verliep ook koud met 0,9°C als minimum op het KNMI-station Deelen en -5,5°C aan de grond op het KNMI-station Eindhoven. In 2018 was de laagste temperatuur van mei -1,7°C op 9 mei op het KNMI-station Deelen. In mei 2019 landelijk nog zes nachten met lichte vorst, de laatste nacht toen op 13 mei met -1,9°C op het KNMI-station Hupsel en dat was ook de laagste temperatuur van de maand. Aan de grond in mei 2019 op 29 mei nog grondvorst met op het KNMI-station Twente -3,4°C. Mei 2020 had landelijk ook nog acht nachten met lichte vorst, de laagste temperatuur toen op 14 mei met -3,0°C op het KNMI-station Eelde. Aan de grond zelfs nog 12 nachten met grondvorst en in de nacht naar 15 mei op het KNMI-station Eelde nog -7,5°C.

Onderstaande foto maakte Peter de Vries van bloeiende look (allium) in de regio Kudelstaart.

In begin mei 2011 kregen we te maken met van origine ook koude lucht met als gevolg nachtvorst. Begin mei 2007 stroomde ook arctische lucht over Polen uit. In de snel uitdrogende luchtmassa vroor het gedurende enkele nachten achtereen licht tot matig en o.a. Torun in Polen meldde op de 2e mei 2007 een minimum van -6,2ºC. Nabij het aardoppervlak kwamen zelfs temperaturen tot beneden -10°C voor. Het gevolg was een enorme vorstschade. Veel Poolse telers zagen bijna hun complete areaal in vorst opgaan. Appelen, peren, pruimen, aardbeien en verschillende bessensoorten waren kapot gevroren. De schade kwam uit op € 370 miljoen euro. Zeker 90% van de oogst ging verloren en dan praat je over rond 300 miljoen ton fruit. Diverse fruittelers zagen het niet meer zitten en pleegden zelfmoord! Gelukkig kwam deze kou toen niet tot in het westen van Europa.

In mei kan het ook in Nederland nog best tot zware nachtvorsten komen. Voorbeelden hiervan hadden we in Nederland in mei 2005 en mei 2011. Zo daalde de temperatuur op waarnemingshoogte vanaf 3 mei t/m 5 mei 2011 ruimschoots onder het vriespunt. De laagste temperatuur van mei 2011 werd bereikt op 5 mei 2011 met -3,2°C op het KNMI-station Eelde. Ook in mei 2012 moesten we in het eerste weekend van mei rekening houden met nachtvorst tijdens opklaringen. In 2013 zelfs een hele koude start van mei met -3°C op het KNMI-station Leeuwarden, voor het KNMI-station Leeuwarden een record omdat het daar in mei nog nooit zo koud was geweest. Verder was het ook de laagste temperatuur van mei 2013.

Onderstaande foto is van 2 mei 1979 in Gorredijk, toen lag er nog een sneeuwdek.

EEN DUIK IN HET VERLEDEN

In 2018 in de nacht naar 2 mei de laagste temperatuur van 1,8°C op het KNMI-station De Bilt en aan de grond de laagste temperatuur -1°C. De KNMI-stations Heino, Gilze-Rijen en Ell hadden grondvorst met respectievelijk -0,3°C , -0,2°C en -0,1°C. Hieronder een foto van het KNMI-station De Bilt, in de nacht naar 2 mei 2018 het koudste plekje van het land met grondvorst.

In 2017 in de nacht naar 2 mei op twee KNMI-stations grondvorst, aan de grond de laagste temperatuur op het KNMI-station Westdorpe met -1,5°C. Ook het KNMI-station Gilze-Rijen had grondvorst met -1,4°C.

In 2016 in de nacht naar 2 mei kwam het wederom tot lichte vorst op waarnemingshoogte op twee KNMI-stations en wel Wijk aan Zee en Woensdrecht. Aan de grond kwam het in het grootste deel van het land tot grondvorst, alleen in het noorden, zuidwesten en zuidoosten kwam het niet overal tot grondvorst. In de nacht naar 2 mei 2016 de laagste temperatuur van -0,5°C op het KNMI-station Wijk aan Zee. Naast het KNMI-station Cabauw had alleen het KNMI-station Woensdrecht ook nog lichte vorst met -0,1°C. Aan de grond de laagste temperatuur op het KNMI-station Cabauw met -3,5°C. De oostelijke KNMI-stations Hupsel en Twente hadden ook grondvorst met respectievelijk -1,5°C en -2,2°C. In Borculo daalde de temperatuur tot 1,5°C in de weerhut en aan de grond tot 0,6°C.

Onderstaande foto maakte Ans Prinsen op de ochtend van 2 mei 2016, in Meddo bij Winterswijk grondvorst met rijp op de weilanden.

In de nacht naar 2 mei 2015 de laagste temperatuur van -1,8°C op het KNMI-station Eelde. Ook het KNMI-duinstation Wijk aan Zee had lichte vorst in de weerhut met -1,4°C. Aan de grond de laagste temperatuur op het KNMI-station Twente met -6°C. De -1,8°C op het KNMI-station Eelde werd ook de laagste temperatuur van mei 2015. Onderstaande foto maakte Frans Sijmons uit Klausheide 2 mei 2015, bewolking vanuit het zuiden was ook zichtbaar vanuit Klausheide.

Op 2 mei 2014 aanzienlijk frisser dan de periode daarvoor. In Borculo was de gemiddelde minimum-temperatuur over de periode 1 januari t/m 30 april uitgekomen op 4,3°C en dat is in Borculo sinds 1981 niet eerder zo hoog geweest over die periode. In 2007 zaten we daar wel dichtbij met 4,2°C. Wat een verschil met 2013 over de eerste vier maanden met een gemiddelde minimum-temperatuur van 0,3°C!

Op 2 mei 2013 landelijk grote temperatuurverschillen van noord naar zuid, het KNMI-station Lauwersoog kwam niet verder dan 10,3°C tegen 20,2°C op het KNMI-station Ell. Het KNMI-station Ell had daarmee landelijk de eerste warme dag van mei 2013 en landelijk de eerste warme dag sinds 25 april. Het KNMI-station Ell had op 25 april met 25,7°C ook landelijk de hoogste temperatuur van april.

Onderstaande foto is van 2 mei 2013 en is gemaakt in het Sauerland. In mei de bloeimaand in Duitsland op diverse plaatsen in de wat hogere delen nog sneeuw begin mei 2013.

In 1990 vanaf 2 mei t/m 9 mei een reeks van acht dagen waarin de gemiddelde maximum-temperatuur op het KNMI-station Eelde zelfs 25°C was! In Borculo in diezelfde periode een gemiddelde middag-temperatuur van 25,2°C!

Op 2 mei 1941 een ochtendaftapping in Roermond over 24 uur van 33 millimeter.

De laagste temperatuur voor 2 mei op het KNMI-station De Bilt is -2ºC uit het jaar 1929. Door de homogenisatie van data door het KNMI is dit minimum sinds 2016 herleid tot -2,6ºC.

Onderstaande foto maakte Frans Sijmons uit Klausheide op 2 mei 2012, de eikenblaadjes waren er al weer, ze moesten alleen nog groen worden. In 2013 liep de natuur op 2 mei nog een heel eind achter en op 2 mei 2014 weken voor.

AARDSE OPWARMING

Australische wetenschappers komen geregeld in het nieuws met mogelijke oplossingen voor de aardse opwarming. Zo willen ze een nieuw soort schapen kweken die geen boeren meer laten zodat de methaanuitstoot ook aanzienlijk wordt beperkt. Als dit lukt is er wel wat eer te behalen in Australië, de landbouwsector is in Australië met 16% de op één na de grootste boosdoener van uitstoot van broeikasgassen. Het grootste aandeel hierin hebben de schapen en de runderen. Australië telt rond 140 miljoen schapen en die stoten natuurlijk heel wat methaangas uit. Maar het zal nog een hele puzzel worden om dit voor elkaar te krijgen. Men moet hierbij denken aan de aanpak van het eetgedrag van het vee en mogelijk zelfs de aanpak tot op de genen van het vee.
Hieronder op de foto een schaap uit Australië, de grote boosdoener?

Australische wetenschappers kwamen ook tot de ontdekking dat mogelijk walvissen wel eens een bijdrage kunnen bieden tegen de strijd van de aardse opwarming. Men kwam tot de ontdekking dat walvispoep kan fungeren als een soort kunstmest voor de oppervlakte van de zee. Hiermee zou CO2 veel beter kunnen worden opgenomen. Men wist dat de poep van walvissen rijk is aan ijzer en dat is een zeer geschikte voeding voor planten. Algen die tussen de planten aan de oppervlakte leven hebben daardoor goede leefomstandigheden. De algen maken zuurstof door koolstofdioxide uit de lucht te halen. En CO2 is nu juist de boosdoener voor de opwarming van de aarde. Maar de grote vraag is nog wel hoeveel poep is er van walvissen nodig om de temperatuur op aarde te laten dalen.

Over opwarming gesproken, in het laatste weekend van april 2010 viel er regen op de Noordpool. Een aantal Britse avonturiers die op de Noordpool waren kwamen in een bui terecht die wel een minuut of drie aanhield. Men denkt dat de oorzaak gezocht moet worden in de opwarming van de aarde, daarbij warmt de Noordpool veel sneller op dan de rest van de wereld. Het is niet ongewoon dat het tot regen op de Noordpool komt, maar wel in april.

error: Content Protected